Hollandse Innovatie Cirkel
 

Wat veroorzaakt de dynamiek bij innoveren?

Innovatiedeelprocessen en innovatierollen zijn, op zichzelf beschouwd, vrij statisch. Ook al beschrijf je de inhoud nog zo goed, uit zichzelf of vanuit een taakomschrijving doen de dragers van innovatierollen nog niets. De vraag is: Hoe komt een innovatierol van statisch naar dynamisch? Hoe kan je de deelprocessen ontsluiten en in beweging krijgen? Ik meen het antwoord daarvoor in de natuurkunde te hebben gevonden, in het verschijnsel van de zogeheten vectoren.
Vectoren kan je omschrijven als krachten, of beter gezegd, grootheden met vier kenmerken:
1. ze bewegen vanuit een zeker vertrekpunt of aangrijpingspunt
2. en richten zich met een zekere snelheid
3. en met een zekere intensiteit
4. naar een ander punt
Vectoren sluiten goed aan bij de fractale en contingente wijze waarop een innovatieproces verloopt; immers, de verschillende deelprocessen beÔnvloeden elkaar telkens opnieuw, net zo lang tot de noodzakelijke aanpassingen gemaakt zijn en de innovatie een feit is. De vectoren waarmee innovatierollen de deelprocessen kunnen ontsluiten noem ik 'innovatievectoren'. Het zijn de grootheden: willen, weten, kunnen, moeten, mogen en durven.

Innovatievectoren